Een browsergame met ondersteuning voor spraakweergave en schermlezer
Uitleg van Bari Bari Shogi.
Bari Bari Shogi wordt gespeeld op een bord van 9 bij 9 vakjes, waarbij twee spelers om beurten een stuk zetten. De kolommen worden van rechts naar links 1 tot 9 genoemd, de rijen van boven naar beneden 1 tot 9. Een vakje zoals "7-6" duidt kolom 7 en rij 6 aan. Wie eerst zet heet sente, wie als tweede zet heet gote.
Er zijn acht soorten stukken: pion, lans, ridder, zilveren generaal, gouden generaal, loper, toren en koning. Als je een stuk van je tegenstander slaat, komt het in je hand en kun je het later op een leeg vakje neerzetten. Wanneer een stuk — behalve de gouden generaal en de koning — het gebied van de tegenstander binnenkomt (voor sente de rijen 1 tot 3, voor gote de rijen 7 tot 9), daar doorheen beweegt of eruit vertrekt, kan het promoveren. Gepromoveerd bewegen pion, lans, ridder en zilveren generaal als een gouden generaal, wordt de loper een paard en de toren een draak — beide worden daardoor sterker.
Een zet waarna de koning van de tegenstander geslagen zou kunnen worden, heet schaak. Als de tegenstander het schaak op geen enkele manier meer kan afwenden, is dat mat en is de partij voorbij. Direct mat zetten door een pion neer te zetten (uchifuzume), twee eigen pionnen in dezelfde kolom (nifu), en een stuk naar een vakje zetten waarvandaan het zich niet meer zou kunnen bewegen, zijn verboden en in dit spel van tevoren niet te kiezen. Komt dezelfde stelling vier keer voor, dan eindigt de partij in een gelijkspel (sennichite) — behalve wanneer een van beide spelers daarbij voortdurend schaak gaf: dan verliest die speler.
Bij "Partij" speel je een ladder tegen de computer. Je kiest zelf het beginniveau (1 t/m 10); vanaf daar stijgt het telkens met 1 na een overwinning. Niveau 1 is te verslaan voor wie shogi net heeft geleerd, niveau 10 rekent meerdere zetten vooruit — versla niveau 10 en je bent kampioen. Bij een nederlaag of gelijkspel stopt de reeks daar, maar het bereikte niveau kun je online laten vastleggen. Bij "Oefenen" kies je één soort stuk; het staat dan alleen op een verder leeg bord, zodat je vrij kunt uitproberen waar het naartoe kan bewegen. Bij "Online partij" onder "Online" vind je in de wachtruimte een tegenstander voor een partij een tegen een. Wie uitnodigt, speelt sente.
Het bord is volledig met het toetsenbord te bedienen. Beweeg je met de pijltjestoetsen, dan worden het vakje en het stuk erop voorgelezen; op een beweegbaar stuk hoor je "kan bewegen". Met Enter selecteer je een stuk, de mogelijke zetten worden voorgelezen en met N en P loop je ze na elkaar langs. Met Enter zet je nogmaals. Om een stuk uit je hand te plaatsen gebruik je D. Met S hoor je op elk moment de beurt en het aantal zetten, met L de beweegbare stukken, met R de stukken van de huidige rij, met K je hand. Het menu open je met Escape, via de menuknop rechtsonder, of door op een vakje zonder mogelijke zet tweemaal Enter te drukken of het dubbel te tikken. De volledige toetsenuitleg hoor je tijdens de partij door op H te drukken.
In de instellingen kun je de spraakmodus en -snelheid, de zwart-witmodus, de geluidseffecten, de selectieondersteuning en de tekstgrootte wijzigen.